Dit redactiestatuut bepaalt hoe de redactie van De Resolutie werkt: onafhankelijk, deontologisch onderbouwd en verantwoording verschuldigd aan het publiek.
1. Doel
Dit redactiestatuut waarborgt de onafhankelijkheid en de deontologische integriteit van de redactie van De Resolutie. Het geeft uitvoering aan de redactionele waarborgen die in het Vlaamse Mediadecreet aan omroeporganisaties zijn opgelegd, in het bijzonder met betrekking tot de redactionele autonomie en de plichten inzake objectieve, pluralistische en niet-discriminerende informatie.
Onder onafhankelijkheid wordt verstaan: het journalistiek werken vrij van commerciële, politieke, particuliere en groepsbelangen, en in het bijzonder vrij van iedere directe of indirecte tussenkomst van de opdrachtgever, van politieke fracties, individuele volksvertegenwoordigers, kabinetten, lobbyisten, sponsors of de directie van de opdrachtnemer.
Naast de waarborgen voor onafhankelijkheid legt dit statuut een deontologische code vast voor allen die onder zijn toepassingsgebied vallen.
2. Toepassingsgebied
2.1 Wie valt onder dit statuut
Dit statuut, met inbegrip van de deontologische code, is van toepassing op iedere persoon die journalistieke bijdragen levert aan de werking van De Resolutie, ongeacht de juridische aard van zijn of haar overeenkomst. Het bindt:
- redacteurs, eindredacteurs, presentatoren en de hoofdredacteur in vast dienstverband;
- vaste en occasionele freelance-journalisten;
- onderaannemers en hun medewerkers, voor zover zij journalistieke bijdragen leveren;
- stagiairs en jobstudenten met een redactionele opdracht.
De directie van de opdrachtnemer waakt erover dat dit statuut bij elke aanwerving, contract of onderaanneming uitdrukkelijk ter kennisneming en aanvaarding wordt voorgelegd.
2.2 Begrip “journalist”
Voor de toepassing van dit statuut wordt onder journalist verstaan: iedere medewerker die op duurzame of regelmatige wijze inhoudelijke bijdragen levert die bestemd zijn voor publicatie, ongeacht of die persoon over een officiële perskaart beschikt. Wie geen perskaart heeft maar wel onder dit statuut werkt, geniet binnen De Resolutie dezelfde deontologische bescherming en is gebonden door dezelfde plichten.
3. Juridisch en deontologisch kader
3.1 Mediadecreet
Dit statuut respecteert de algemene bepalingen van het decreet van 27 maart 2009 betreffende radio-omroep en televisie en zijn latere wijzigingen, in het bijzonder de bepalingen over redactionele onafhankelijkheid, het weren van iedere vorm van discriminatie, het waarborgen van politieke en ideologische onpartijdigheid in informatieve programma’s, en het recht van antwoord.
3.2 Andere wettelijke verplichtingen
Zonder volledigheid na te streven, herinnert het statuut aan de volgende wettelijke kaders die voor de redactie van bijzonder belang zijn:
- Burgerlijk Wetboek — de algemene zorgvuldigheidsplicht (artikelen 5.146 e.v. nieuw BW, voorheen artikelen 1382-1383 oud BW).
- Strafwetboek — laster, eerroof en kwaadwillige ruchtbaarmaking (artikelen 443-453ter), aantasting van de persoonlijke levenssfeer van minderjarigen (artikel 433bis), onschendbaarheid van de woning (artikelen 148 en 439) en schending van het briefgeheim (artikel 460).
- Auteurs- en portretrecht — de bepalingen van Boek XI WER en het recht op afbeelding van personen die in beeld komen.
- Privacy en gegevensbescherming — de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG/GDPR) en de Belgische Kaderwet van 30 juli 2018, met uitdrukkelijke aandacht voor de journalistieke uitzondering.
- Bescherming van privé-communicatie — de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie en de strafrechtelijke bepalingen inzake het afluisteren en opnemen van privé-communicatie.
- Bronnengeheim — de wet van 7 april 2005 betreffende de bescherming van de journalistieke bronnen.
- Digital Services Act — de Europese Verordening (EU) 2022/2065, voor zover van toepassing op de digitale verspreiding van content.
3.3 Code van de Raad voor de Journalistiek
De redactie en elke individuele medewerker onderschrijven onvoorwaardelijk de Code van de Raad voor de Journalistiek in haar meest recente, geconsolideerde versie, met inbegrip van haar latere richtlijnen en aanbevelingen. De Resolutie erkent de Raad voor de Journalistiek als bevoegd zelfregulerend orgaan voor de behandeling van klachten over haar werk en werkt loyaal mee aan zijn procedures.
4. Redactionele onafhankelijkheid
4.1 Beginsel
Het redactiestatuut heeft tot doel een omgeving te scheppen waarin de redactie professioneel en met eerbied voor de deontologische code haar opdracht kan uitoefenen, met de nodige waarborgen om in volstrekte onafhankelijkheid te werken.
De redactie van De Resolutie werkt voor het publiek — niet voor de opdrachtgever, niet voor een fractie, niet voor een individuele volksvertegenwoordiger en niet voor de directie van de opdrachtnemer.
4.2 Inhoudelijke autonomie
De hoofdredacteur beslist autonoom over:
- de keuze, de selectie en de verwerking van onderwerpen en items;
- de samenstelling en de opbouw van programma’s, programma-items en publicaties;
- de uitnodiging en de selectie van gasten, sprekers en experten;
- de invalshoeken, de vraagstelling en de montage;
- de programmering en de planning op de eigen kanalen;
- de taakverdeling en de inzet van middelen binnen de redactie.
4.3 Geen voorafgaande inzage
Het Vlaams Parlement, zijn directies en diensten, zijn fracties, individuele volksvertegenwoordigers, kabinetten, medewerkers, evenals de directie van de opdrachtnemer en derden, krijgen geen voorafgaande inzage in de inhoud, de montage, de voice-over, de vraagstelling, de draaiboeken, de scripts of de niet-uitgezonden werkversies van programma’s. Zij worden evenmin betrokken bij de keuze van uit te nodigen gasten of bij de promotionele communicatie waarin redactionele keuzes worden weergegeven.
4.4 Bescherming tegen druk
Elke vorm van interne en externe druk wordt onder toezicht en verantwoordelijkheid van de hoofdredacteur geweerd. Een medewerker die druk ondervindt van welke aard ook om de berichtgeving te beïnvloeden — of het nu gaat om dreigementen, intimidatie, ongewenste suggesties, financiële beïnvloeding of subtielere vormen van inmenging — brengt de hoofdredacteur daarvan onmiddellijk op de hoogte. Deze meldingen worden vertrouwelijk geregistreerd en, waar nodig, besproken in de redactieraad.
4.5 Persoonlijke onafhankelijkheid
Geen enkele medewerker kan worden verplicht om:
- een handeling te verrichten of informatie te verspreiden die in tegenspraak is met de feiten;
- een opdracht uit te voeren die ingaat tegen zijn of haar professionele overtuiging of tegen de Code van de Raad voor de Journalistiek;
- zijn of haar bronnen prijs te geven, aan wie ook, met inbegrip van de hoofdredacteur, de directie of de opdrachtgever;
- mee te werken aan promotioneel of reclamewerk, of zijn of haar naam, stem of beeld ter beschikking te stellen voor publicitaire doeleinden, behoudens uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming.
Een medewerker die op gemotiveerde gronden weigert mee te werken aan een opdracht die hij of zij in strijd acht met dit statuut, kan daarvoor niet worden bestraft, ontslagen of professioneel benadeeld.
4.6 Onverenigbaarheden en belangenconflicten
Onverenigbaar met de hoedanigheid van redactiemedewerker van De Resolutie zijn:
- het bekleden van een politiek mandaat, hetzij verkozen, hetzij benoemd, op gelijk welk niveau;
- een functie als bezoldigd of onbezoldigd politiek adviseur, kabinetsmedewerker of woordvoerder;
- een lidmaatschap van het bestuur van een politieke partij die zetelt in een wetgevende vergadering die door de redactie wordt belicht;
- elke nevenactiviteit, al dan niet bezoldigd, die als concurrentieel kan worden beschouwd of die de schijn van partijdigheid kan wekken (zoals communicatieadvies aan politieke partijen, kabinetten of belangengroepen).
Elke medewerker meldt aan de hoofdredacteur elke persoonlijke, familiale, financiële of professionele band met een volksvertegenwoordiger, fractie, kabinet of dienst van het Vlaams Parlement die de schijn van partijdigheid kan wekken. De hoofdredacteur beslist over een mogelijke verschoning of taakverschuiving.
Geschenken of uitnodigingen van politieke actoren of van het Vlaams Parlement met een geschatte waarde boven 50 euro worden geweigerd of overhandigd aan de directie. Werkgerelateerde catering tijdens reportages en kosteloze persaccreditaties vallen niet onder deze regel.
4.7 Vertrouwelijke informatie
Een medewerker mag vertrouwelijke informatie waarvan hij of zij in de uitoefening van de functie kennis krijgt, niet bekendmaken of gebruiken in het eigen voordeel of in dat van een derde. Dit verbod geldt in het bijzonder met het oog op investeringen, speculatie of enige andere vorm van persoonlijk gewin.
5. Hoofdredactie en redactionele organisatie
5.1 Rol van de hoofdredacteur
De hoofdredacteur is deontologisch eindverantwoordelijke voor de redactie. Hij of zij staat garant voor de onafhankelijkheid van de redactie tegenover de buitenwereld én tegenover de eigen directie, en waakt erover dat de redactionele inhoud niet wordt beïnvloed door politieke, commerciële of andere belangen die vreemd zijn aan de journalistieke opdracht.
De hoofdredacteur leidt de redactie, beslist over de redactionele inhoud, vertegenwoordigt de redactie naar buiten toe en behandelt externe klachten in eerste lijn.
5.2 Aanstelling, ontslag en opvolging
De aanstelling, niet-verlenging of het ontslag van de hoofdredacteur gebeurt volgens een vooraf vastgelegde procedure. De directie en de hoofdredacteur overleggen over iedere beslissing die invloed kan hebben op het redactionele beleid. De directie stelt de leden van de redactie aan in overleg met de hoofdredacteur. Een ontslag van een redactielid door de directie kan slechts gebeuren na voorafgaand overleg met de hoofdredacteur.
Bij de aanstelling, niet-verlenging of het ontslag van de hoofdredacteur wint de directie het advies in van de redactieraad. Een ongunstig advies wordt schriftelijk en gemotiveerd weerlegd.
5.3 Redactieraad
Binnen De Resolutie wordt een redactieraad opgericht, samengesteld uit verkozen vertegenwoordigers van de redactie, naast de hoofdredacteur. De redactieraad adviseert over het redactionele beleid en de toepassing van dit statuut, behandelt klachten van medewerkers over druk of inmenging, en brengt advies uit bij de aanstelling of het ontslag van de hoofdredacteur. Beraadslagingen zijn vertrouwelijk; conclusies en adviezen worden gemotiveerd. Een afzonderlijk reglement bepaalt de samenstelling, de verkiezingsprocedure en de werking.
6. Deontologische code
6.1 Grondbeginselen
De deontologie van de redactie is gebaseerd op vier grondbeginselen:
- Waarheidsgetrouwheid en zorgvuldigheid — de redactie streeft naar correcte, geverifieerde en zorgvuldig geduide informatie. Onzekerheden worden expliciet benoemd, niet weggelaten.
- Onpartijdigheid — programma’s, items en publicaties worden in een geest van politieke en ideologische onpartijdigheid gemaakt, met respect voor pluralisme en diversiteit.
- Goede trouw — de redactie oefent haar opdracht uit in goede trouw, zowel ten aanzien van het publiek als ten aanzien van wie in beeld komt.
- Verantwoording — de redactie aanvaardt verantwoording af te leggen aan haar publiek en aan de Raad voor de Journalistiek, en niet aan de opdrachtgever.
6.2 Hoor en wederhoor
Personen of organisaties die door berichtgeving rechtstreeks worden geraakt, krijgen, voor zover redelijkerwijs mogelijk, de gelegenheid om te reageren vóór publicatie. De gevraagde reactie wordt loyaal weergegeven of, bij weigering, expliciet vermeld.
6.3 Citaten, interviews en montage
Gesprekspartners worden vooraf ingelicht over de aard, het onderwerp en de bedoeling van het programma waarvoor hun medewerking wordt gevraagd. Zij worden erop gewezen dat hun bijdrage om journalistieke redenen kan worden ingekort, geherstructureerd of weggelaten. Bij de verwerking van interviews en bij de montage van fragmenten — zeker uit plenaire vergaderingen of commissies van het Vlaams Parlement — waakt de redactie erover dat de essentie van het standpunt en de geest van het gesprek niet worden vertekend. Inkortingen mogen de strekking niet wijzigen.
6.4 Houding van de journalist
Journalisten kiezen geen partij en laten hun persoonlijke mening niet blijken tijdens interviews of in informatieve programma-items. In hun woordkeuze vermijden zij elke schijn van partijdigheid. Mededelingen, communiqués en persberichten worden in de juiste context geplaatst.
6.5 Bronnen
De redactie werkt zoveel mogelijk met geïdentificeerde en verifieerbare bronnen. Anonieme bronnen worden alleen gebruikt wanneer de informatie van duidelijk maatschappelijk belang is, niet of moeilijk via andere weg verkregen kan worden, en redelijkerwijs verifieerbaar is via minstens één onafhankelijke tweede bron. De identiteit van een vertrouwelijke bron wordt door de journalist beschermd en wordt niet bekendgemaakt aan de directie, de opdrachtgever of derden, behoudens vrijwillige beslissing van de bron.
Embargo’s worden gerespecteerd. Lekken, gestolen documenten of via een hack verkregen materiaal worden alleen gepubliceerd na een uitdrukkelijke afweging door de hoofdredacteur tussen het maatschappelijk belang en de wijze waarop de informatie verkregen werd.
6.6 Archiefbeelden en context
Archiefmateriaal wordt altijd herkenbaar als archief gepresenteerd, met datum of jaartal in beeld. De redactie hergebruikt geen beelden in een context die suggereert dat zij de oorspronkelijke gebeurtenis weergeven wanneer dat niet het geval is.
6.7 Privacy en menselijke waardigheid
De redactie weegt het maatschappelijk belang van publicatie af tegen de impact op het privéleven van betrokkenen. Namen in gerechtszaken worden slechts bij uitzondering genoemd. Publieke personen — onder wie volksvertegenwoordigers — bekleden een bijzondere plaats: het kan verantwoord zijn feiten aan te brengen die vragen doen rijzen over hun mogelijkheid of geschiktheid om hun mandaat uit te oefenen. Hun privésfeer geniet daarbuiten dezelfde bescherming als die van elke andere burger.
6.8 Diversiteit en non-discriminatie
In de programma’s wordt elke vorm van discriminatie geweerd. De redactie streeft naar een evenwichtige aanwezigheid van standpunten en naar een diversiteit van gasten, sprekers en perspectieven die de Vlaamse en Brusselse samenleving weerspiegelt — in geslacht, leeftijd, achtergrond, woonplaats en beroep.
6.9 Pluralisme en politieke evenwichten
De redactie waakt structureel over een evenwichtige aanwezigheid van de in het Vlaams Parlement vertegenwoordigde fracties in haar programma’s, rekening houdend met de zetelverdeling, de actualiteit en de relevantie voor het concrete onderwerp. Voor verkiezingsperiodes stelt de hoofdredacteur, na advies van de redactieraad, een verkiezingsdraaiboek op met strengere regels over evenwicht, spreektijd, debatformats en het gebruik van peilingen.
6.10 Sociale media en private platforms
Wat een journalist publiceert op sociale media of andere publieke platforms valt onder zijn of haar persoonlijke verantwoordelijkheid, maar mag de geloofwaardigheid en de onpartijdigheid van de redactie niet aantasten. Politieke statements, partijdige meningen of persoonlijke beschimpingen van politieke actoren zijn niet verenigbaar met de redactionele functie.
6.11 Artificiële intelligentie en synthetische media
AI wordt binnen de redactie uitsluitend ingezet als ondersteunend instrument, nooit als vervanging van de journalistieke beoordeling. Toegestaan zijn ondersteunende toepassingen zoals research, transcripties, samenvattingen, vertalingen, ondertiteling en eerste tekstopzetten die door een journalist worden geverifieerd en herwerkt. Uitgesloten zijn:
- het genereren van gefingeerde citaten, beelden of stemmen die suggereren dat een persoon iets heeft gezegd of gedaan dat niet werd gezegd of gedaan;
- deepfakes of synthetische beelden van volksvertegenwoordigers of andere identificeerbare personen, behalve in een uitdrukkelijk gelabelde duidings- of educatieve context, mits voorafgaande goedkeuring door de hoofdredacteur;
- AI-gegenereerde inhoud die als feitelijke berichtgeving wordt gepresenteerd zonder menselijke verificatie en eindredactie.
Wanneer AI-gegenereerde inhoud op een herkenbare wijze wordt gebruikt, wordt dit aan het publiek aangegeven. Een afzonderlijke AI-richtlijn werkt deze regels concreet uit en wordt minstens jaarlijks geactualiseerd.
7. Rechtzettingen, recht van antwoord en klachten
7.1 Rechtzettingen
Nauwkeurigheid impliceert dat fouten zo snel mogelijk en op een herkenbare manier worden rechtgezet. Een rechtzetting bevat minstens een aanduiding van de oorspronkelijke onjuiste bewering, de juiste informatie en de datum van de correctie. Voor uitzendingen op het lineaire kanaal wordt de rechtzetting opgenomen in de eerstvolgende uitzending van het betrokken programma; voor online publicaties wordt de correctie zichtbaar bij het oorspronkelijke item geplaatst.
7.2 Recht van antwoord
Voor het wettelijke recht van antwoord en het recht van mededeling bestaat een geëigende procedure, die door de hoofdredacteur wordt bewaakt en die strookt met de toepasselijke decretale en wettelijke bepalingen.
7.3 Klachten
Externe klachten worden in eerste instantie behandeld door de hoofdredacteur. Indien de hoofdredacteur de klacht ongegrond acht, wordt de klager daarvan gemotiveerd op de hoogte gebracht en is daarmee de interne procedure afgehandeld. De klager wordt steeds ingelicht over zijn of haar recht om de zaak voor te leggen aan de Raad voor de Journalistiek. De redactie publiceert de uitspraken van de Raad volgens diens reglement.
7.4 Interne klachten
Een redactiemedewerker die meent dat dit statuut, de Code of zijn of haar persoonlijke onafhankelijkheid wordt geschonden, kan dit melden aan de hoofdredacteur. Bij niet-bevredigend gevolg kan de medewerker de zaak voorleggen aan de redactieraad, die binnen een redelijke termijn een gemotiveerd advies uitbrengt aan de directie.
8. Slotbepalingen
8.1 Herziening
Het statuut wordt minstens om de twee jaar geëvalueerd door de redactieraad en, in voorkomend geval, herzien. Een tussentijdse herziening kan worden gevraagd door de hoofdredacteur, de directie of de redactieraad. Wijzigingen vereisen het gunstig advies van de redactieraad en worden ondertekend door de hoofdredacteur en de directie.
8.2 Bekendmaking
De geldende versie van dit statuut wordt door de opdrachtnemer publiek beschikbaar gesteld op de website of het platform van De Resolutie, samen met een verwijzing naar de Code van de Raad voor de Journalistiek.

